concert 24 februari

 

  Tanja Obalski, sopraan 

  Valeria Mignaco, sopraan                           

    Marike Tuin, viola da gamba

  Marijn Slappendel, orgel

 

 Programma

   François Couperin          

Leçons de Ténèbres                                                                          François Couperin        (1668-1733)

   Première leçon de ténèbre pour le Mercredi Saint à une voix

 

  Marin Marais

Chaconne  in G (uit : Pièces de viole du cinquième livre, 1725)        Marin Marais (1656-1728)

 

 

Leçons de Ténèbres                                                                          François Couperin 

   Deuxième leçon de ténèbre pour le Mercredi Saint à une voix

 

 

Uit : Messe propre pour les couvents,1690                                        François Couperin

         a. Plein jeu. Premier couplet du Kyrie

         b. Élévation. Tierce en taille

         c. Trio. Les dessus sur la Tierce et la basse sur la Trompette

 

 

Leçons de Ténèbres                                                                          François Couperin 

    Troisième  leçon de ténèbre pour le Mercredi Saint à deux voix

 

 

 

Toelichting:

Leçons de ténèbres - François Couperin

 Bij de Leçons de ténèbres gaat het om tamelijk kleinschalige werken naar model van Carissimi en Charpentier. Het zijn toonzettingen van de Klaagzangen van Jeremia, welke eertijds in de drie dagen voor Pasen werden uitgevoerd. De titel – vertaald ‘lessen van schaduwen’ - slaat op het feit dat gedurende de diensten in de drie dagen vòòr Pasen de kaarsen na elke Leçon werden gedoofd. Zo werd in deze cyclus ook beeldend het lijden en sterven van Christus gesymboliseerd.

De Klaagliederen van de profeet Jeremia zijn aangrijpende bijbelgedeelten.  De zoon uit de priesters van Anathoth predikt vooral tegen de afgoderij en hij rouwde over de ondergang van Jeruzalem, de vernietiging van de tempel en de verbanning van de joden. Aan het einde van iedere les roept hij zijn volk op zich tot hun Heer te wenden: Jerusalem, convertere ad Dominum Deum tuum.

François Couperin schreef het volledige aantal van negen ‘lessen van schaduwen’; de term schaduwen verwijst naar het feit dat het tijdens de lezingen langzaam donker wordt. Hij schreef voor elke dag drie leçons, maar alleen de eerste drie voor Witte Donderdag zijn bewaard gebleven; zij volgen de tekst van het boek Klaagliederen, resp. 1,1-5 / 1,6-9 / 1,10-14. Couperin koos voor zijn Leçons voor een  sobere bezetting van twee zangstemmen, begeleid door basso continuo.

 

Recensie Soester Courant van woensdag 27 februari 2008

KLOOSTERMUZIEK IN DE OPEN HOF

In de voorbijgegane eeuwen heeft zich het kloosterleven welhaast geheel onttrokken aan de waarnemingen van het gewone volk. De getijdediensten, waarvan wij alleen nog maar de Vespers kennen, waren de gebedsdiensten die de gehele dag door werden gevierd. In de week voor Pasen werden aan deze de Nachtwaken toegevoegd op de donderdag- en vrijdagnacht.

In een met slechts enkele kaarsen verlichte kerk werden in deze nachtwaken de Klaagliederen van Jeremia gereciteerd, afgewisseld met meditatieve momenten. Componisten van naam, onder wie François Couperin(1668-1733),  hebben deze bijbelteksten getoonzet, vaak gebruikmakend van gregoriaanse motieven. Zondagmiddag werden de drie ons nog overgebleven Leçons van de hand van Couperin in De Open Hof uitgevoerd. Veel kloostermuziek is verloren gegaan tijdens de Franse Revolutie in 1789, toen de kloosters werden gesloten op last van het nieuwe bewind. Dat wij de Leçons weer kunnen uitvoeren is mede te danken aan het vele speurwerk van de muziekwetenschappers.

De teksten van Jeremia worden in de Leçons onverkort gereciteerd. Elke klaagzang wordt voorafgegaan de door een letter van het hebreeuwse alfabet, waarbij de componist deze letter tekent in klanken, waardoor een in muziek 'getekende letter' ontstaat. Deze klankjuwelen werden loepzuiver gezongen door de twee sopranen, Tanja Obalski - in Soest zeker niet onbekend,  zij woont zelfs op Soest - en Valeria Mignaco, een geboren Argentijnse. Voor de begeleiding tekenden Marike Tuin, gamba, en Marijn Slappendel, orgel. Zij waren de continuo-spelers zoals het behoort: attent, uiterst betrouwbaar, maar vooral vocaal in hun wijze van begeleiden, waardoor een totale muzikale eenheid ontstond.

De eerste Leçon werd door Tanja Obalski vertolkt. Haar stem kenmerkt zich door een zekere vorm van strakheid, die geheel past bij de eerste Leçon, door Couperin getoonzet in grote muzikale volzinnen.

De tweede Leçon, duidelijk anders van karakter, werd door Valeria Mignaco gezongen. Haar wijze van zingen, even stralend als die van Tanja Obalski, is beweeglijker, als zingt haar gehele lichaam mee in het notenbeeld, getuige haar lichaamstaal. Een perfecte uitvoering, een eenheid in woord en toon, met name in de jammerklacht aan het slot, waarin de profeet Jeremia de Joden oproept zich te bekeren.

De derde Leçon is voor twee sopranen getoonzet. Dit werd het hoogtepunt. De twee stemmen, elk met hun eigen karakteristieken, vormden een volmaakte eenheid qua techniek van zingen maar vooral ook in interpretatie. Met name de 'aanvangsletter' en de oproep tot bekering aan het slot maakten diepe indruk.

De Leçons werden afgewisseld door instrumentale werken. Marin Marais scheef veel muziek voor gamba-solo, al dan niet met continuo. Zelf gambist van de hoogste orde, schreef hij werken die voor velen technisch onuitvoerbaar zijn. Hij vraagt van de speler een perfectie, die niet een ieder is gegeven. Marike Tuin speelde samen met Marijn Slappendel de Chaconne in G uit het vijfde boek met werken voor gamba  van Marais, uitgegeven in 1725.

De gamba is voor Marike niet het instrument waarvoor zij als eerste koos, zij is van-huis-uit violiste, maar zij weet zich door het instrument gegrepen. Als wetenschapper wist zij een fraaie uitvoering te geven aan de chaconne van Marais; een enkele onzuivere hoge noot zij haar in deze vergeven. Een uitvoering op muzikaal en technisch hoog niveau.

Als tweede instrumentaal werk koos Marijn Slappendel voor drie delen uit de Mis voor de vieringen in het klooster, eveneens van Couperin. De Franse orgelwerken uit de barok laten zich uitstekend vertolken op het orgel van De Open Hof. Hoewel het orgel door de vele weersveranderingen niet geheel zuiver bleek en technisch een enkel gebrek vertoonde bleken de drie delen uit deze orgelmis een welkome adempauze in het programma. De muziek werd technisch perfect gespeeld in een doordachte registratie. Helaas ontbrak de typisch Franse beweeglijkheid in de interpretatie, kenmerk van de Franse barokke orgel- en klavecimbelwerken.

De bijna honderd bezoekers van het concert kunnen terugzien op een welbestede middag, die bij velen diepe indruk heeft gemaakt. De werkgroep die deze concerten voorbereidt komt alle eer toe door  het organiseren van concerten, die in het Festival Oude Muziek van Utrecht zeker niet zouden misstaan. Het jeugdig talent, dat zondag op Soest te beluisteren viel heeft in deze hoge ogen gegooid. Wij gaan nog van ze horen in de komende jaren.

Wijnand Huisman

 

Vertaling tekst (Nederlandse Bijbel Vertaling, 2004)

Première leçon de ténèbre pour le Mercredi Saint à une voix

Incipit lamentatio Ieremiae prophetae.

         Hier begint de Klaagzang van de profeet Jeremia.

 

ALEPH – Quomodo sedet sola civitas

Ach, hoe eenzaam zit zij neer, de eens zo levendige stad.

Een weduwe is ze geworden, zij die groot was onder de volken,

de vorstin van de gewesten is tot slavernij vervallen.

 

BETH – Plorans plorat in nocte

Heel de nacht weent zij, haar wangen zijn nat van tranen.

Er is niemand die haar troost, niemand van haar vele minnaars;

geen vriend bleef haar trouw, allen zijn haar vijandig gezind.

 

GHIMEL – Migravit Iudas

Juda is verbannen na een tijd van nood en zware onderdrukking;

zij zit neer te midden van de volken, maar vindt geen rust:

haar vervolgers belagen haar, drijven haar in het nauw.

 

DALETH – Viae Sion lugent

De wegen naar Sion treuren, er zijn geen feestgangers meer.

Haar poorten liggen verlaten, haar priesters zuchten,

haar meisjes zijn bedroefd. En zijzelf: bitter is haar lot.

 

HE – Facti sunt hostes eius

Haar vijanden zijn heer en meester, zo zeker van zichzelf.

De HEER heeft haar dit aangedaan om haar vele overtredingen.

Haar kinderen zijn gevangen weggevoerd, voor de vijand uit.

 

Jerusalem, keert u tot de Heer uw God.

 

 Deuxième leçon de ténèbre pour le Mercredi Saint à une voix

 

VAU – Et egressos est a filia Sion

Sion heeft al haar glans verloren.

Haar leiders zijn als herten die geen weidegrond meer vinden.

Ze zijn gevlucht, van al hun kracht beroofd, voor hun vervolgers uit.

 

ZAIN – Recordata est Jerusalem

Jeruzalem denkt ten tijde van haar nood en haar zwervend bestaan

aan alle kostbaarheden die zij vanouds bezat.

Toen haar volk in handen van de vijand viel, schoot niemand haar te hulp;

de vijanden die haar zagen, lachten om haar ondergang.

 

HETH – Peccatum peccavit Jerusalem

Haar zware zonden maakten Jeruzalem tot een voorwerp van spot;

wie haar eerden, verachten haar, nu ze haar naaktheid zien.

En zij, zij kreunt en zucht en wendt zich af.

 

TETH – Sordes eius in pedibus eius

Haar onreinheid kleeft aan de zoom van haar kleed. Dit einde had ze niet voorzien.

Ontstellend diep is zij gezonken, er is niemand die haar troost.

HEER, zie toch mijn nood, zie hoe de vijand zich verheft.

 

Jerusalem, keert u tot de Heer uw God.

 

 

Troisième  leçon de ténèbre pour le Mercredi Saint à deux voix

 

 JOD – Manum suam misit hostis

De vijand heeft zijn hand naar haar kostbaarheden uitgestrekt.

Zij moet aanzien hoe het heiligdom betreden wordt door vreemde volken,

aan wie u de toegang tot de gemeenschap had ontzegd.

 

CAPH –  Omnis populus eius

Alle inwoners zuchten en steunen, op zoek naar wat brood,

ze ruilen hun kostbaarheden voor voedsel, om weer levenskracht te krijgen.

HEER, zie mij, merk toch op hoezeer ik word veracht.

 

LAMED –  O vos omnes qui transitis per viam

Jullie die hier voorbijgaan, raakt het jullie niet? Merk toch op en zie:

is er leed als het leed dat mij wordt aangedaan,

dat de HEER op de dag van zijn toorn over mij heeft uitgestort?

 

MEM –  De excelso misit ignem

Hij liet uit de hoogte vuur neerdalen,

dat in mijn gebeente brandt.

Hij spande een valstrik voor mij, hij deed mij terugdeinzen.

Hij verwoestte mijn leven en maakte me ziek, dag na dag.

 

NUN – Vigilavit jugum iniquitatum mearum

Hij heeft mijn overtredingen gebundeld en ze vastgemaakt als een juk;

ze drukken zwaar op mijn nek, mijn kracht is gebroken.

De Heer heeft mij uitgeleverd aan hen bij wie ik weerloos ben.

 

      Jerusalem, keert u tot de Heer uw God.